
‘Ik wil mijn handschoenen terug!’
Deel 2.
Tegen het begin van de winter nam ik mijn vriendin mee naar Brussel. Ze vond het een heel vriendelijke stad zei ze. De winkels waren er erg verzorgd, de mensen aardig en het eten was een verademing in vergelijking met het eten in Nederland.
Op een middag liepen we door een straat waar alleen maar bruidsboetieken gevestigd waren, ik was behoorlijk bang in die straat en zette er flink de pas in.
‘Ik wil hier wel wonen,’ zei ze later op de middag terwijl ze aan een garnalenkroketje knabbelde.
‘Dan doen we dat toch?’ zei ik.
De maanden daarna leerde ik Mario kennen. Ik was een weekend Amsterdam ontvlucht en genoot van mijn goed afgesloten hotelkamer en de nederige obers in de restaurants, ook kocht ik nog steeds hier en daar kunstwerken omdat ik niet met lege handen naar huis durfde te gaan.
In de lobby zag ik hem. Hij was klein en had zwarte krulletjes, droeg een gouden kruisje om zijn nek en riep steeds ‘Va’ fa’ un culo!*’ vanuit zijn fauteuiltje.
Soms voel ik al snel een hechte band met een onbekende, mogelijk door een blik, een woord of een situatie voel ik me hevig aangetrokken tot iemand; in ieder geval wilde ik, terwijl ik voor de balie stond opeens alles weten over dit kleine mannetje dat daar zo hevig zat te schelden.
Toen ik een dag had bijgeboekt en nog even door de rijkversierde lobby van hotel Metropole liep zag ik in mijn ooghoek hoe Mario zijn vuist ophield naar een meneer die tegenover hem was komen staan. De man zag eruit als een manager. ‘Ik wil mijn handschoenen terug!’ hoorde ik.
Door zulke uitspraken wordt mijn nieuwsgierigheid alleen maar groter.
‘Iemand draagt mijn handschoenen, ik weet zeker dat iemand van jullie straks, bij het naar huis gaan mijn handschoenen aantrekt!’ schreeuwde hij vanuit zijn stoeltje.
Zo onschuldig als ik kon bekeek ik minuten lang de menukaart van het inpandige Franse restaurant, in de spiegel zag ik Mario opstaan en op het tapijt spugen, wild met zijn handen zwaaien en al un culo de hotel lobby verlaten.
Op straat begon ik mijn zoektocht, en al op de eerste straathoek staakte ik deze. Mario was verdwenen.
‘Ik heb je panty’s gekocht,’ zei ik tegen mijn vriendin door de telefoon.
‘Je komt er echt niet in als niet iets lekkers voor me meeneemt, echt niet,’ zei ze.
Natuurlijk beloofde ik iets lekkers voor haar mee te nemen.
‘Ik ga vanavond pompoensoep eten in de stad,’ zei ik.
‘Gadverdamme, dat vind ik zo smerig, dat maakt je moeder toch altijd?’
Dat klopte en daarmee eindigde ik het gesprek, viel even in slaap en droomde dat ik samen met een meisje pompoensoep onder een brug in het Vondelpark maakte.
Toen ik in restaurant Jacques* bij het gebrek aan pompoensoep aan een stuk zeebaars zat hoorde ik achter mij hoe iemand zijn mes liet vallen, meteen gevolgd door: ‘Va’ fa’ un culo!*’
Mario leek nog kleiner dan ik in de hotel lobby had gezien. Misschien was het de enorme berg eten die hij voor zijn neus had uitgestald, of de absurd grote tafel waar hij in zijn eentje aan zat.
Ik glimlachte naar hem en hief mijn glas, een gebaar dat ik in films zag en nog nooit had gemaakt, maar ik had nu eenmaal een glas wijn in mijn hand, dus waarom ook niet, dacht ik.
‘U bent geen Vlaming, dat zie ik aan u,’ zei hij.
Ik begon direct mijn levensverhaal te vertellen, maar hij onderbrak me door meteen zijn eigen levensverhaal uit de doeken te doen. Het was een gruwelijk verhaal, vol gestrande huwelijken, kinderen die hij niet mocht zien, bepaalde mensen die zijn leven kapot hadden gemaakt. Hij noemde die personen bij naam, alsof ik zijn beste vriend was.
Ik vond het fijn om naar zijn ellende te luisteren, het gaf me een bevrijdend gevoel.
Aan het einde van de avond kreeg ik een stijve nek door het steeds naar hem toedraaien, als het om omgangsvormen gaat ontbreekt het mij aan elke logica, maar de gehele avond bleef Mario op zijn plek zitten, achter zijn bergen patat en gegrilde visjes, dus ik ondernam geen actie.
‘Ik ga jou helpen Vlaming te worden,’ zei hij, ‘wat zeg ik: ik ga van jou een Vlaming maken!’ zei hij toen ik hem vertelde dat ik met het idee zat om in Brussel te gaan wonen.
Ik knikte en glimlachte en achter mij hoorde ik Mario kauwen op wat graatjes.
De volgende dag werd ik door hem uit mijn bed gebeld, hij had een buitengewone kans voor mij liggen, ik zou die kans met beide handen moeten aanvatten, anders zou die kans aan mij voorbijgaan, het was een eenmalige mogelijkheid om mijn leven compleet te veranderen.
Ik douchte me nauwelijks en snelde het hotel uit naar de opgegeven straat achter de Grote Markt waar Mario voor een slijterij een sigaret stond te roken.
‘Neem een sigaret van mij,’ zei hij toen ik naar mijn sigaretten zocht. Mario rookte Dunhill International, een van de langere sigaretten in de handel; het maakte hem nog kleiner.
Toen ik achter hem aan door het enorme appartement op de tweede verdieping liep moest ik weer aan Hermans denken, ik bedacht me dat Hermans een keer had geschreven dat je ouders bepalen wat je vaderland is, en dat je altijd naar dat vaderland zou terugkeren.
Ik wist op dat moment vrij zeker dat dat voor mij heel anders zou liggen en dat als ik mijn vertrek uit mijn vaderland niet snel zou maken, ik nageroepen zou worden op straat.
‘Ik heb in elke wereldstad een appartement,’ zei hij en gooide zijn as op de parketvloer.
Diezelfde dag tekende ik een contract met een onduidelijke Bv waar Mario eerste directeur van zei te zijn. Ik durfde niet te vragen wie de tweede directeur dan was.
In een café dronken wij samen grote glazen bier en werden we heel erg dronken, het contract hield hij al die tijd in zijn hand, het begon te verkreukelen terwijl hij vreemdsoortige liederen zong.
‘Nu nog een mooi Vlaams meisje en je bent helemaal klaar,’ zei hij.
Ik bloosde en schudde mijn hoofd waarop Mario heel erg hard moest lachen en me een paar knipogen achter elkaar gaf, hij gebruikte zijn beide handen om de knipoog nog angstaanjagender te maken. ‘Vreemdgaan is het begin, geloof me, het geluk lacht je toe als je vreemd gaat,’ zei hij. Ik vroeg me af of er enig verband was tussen zijn gestrande huwelijken en het vreemdgaan, of het succes in de onroerend goed markt en het vreemdgaan.
‘Er gaat echt een wereld voor je open, Brussel is een wereldstad die niemand kan begrijpen, zelfs ik begrijp Brussel maar nauwelijks,’ zei hij.
‘Een onontgonnen stad,’ zei ik.
‘Wat jij wilt, je kunt het net zo krijgen als je wil, geloof mij. Weet je dat je van mij nog heel veel kan leren?’
In Amsterdam liet ik kaartjes drukken waarop stond:
David M Pefko
Handelaar
Daar onder mijn adres in Brussel, mijn Brusselse telefoonnummer en zelfs mijn nieuwe skynet* e-mailadres.
Noten voor de Nederlanders onder ons:
*Skynet is een Belgische aanbieder van telefonie en internet.
*Va’ fa’ un culo is een veelgebruikt Italiaans scheldwoord wat ongeveer gelijk staat aan ‘Go fuck yourself’ in het Engels.
*Jacques is een klein restaurant in het centrum van Brussel waar zeer veel vis op de kaart staat.
Volgende week het laatste deel van ‘Zelf Vlaming worden’ waarin ik zelf Vlaming werd en korte tijd later mijn handschoenen verloor.
24 Reacties
Kijk hier, we worden gelokt!
Kan niet wachten!
Ah kom op, het is al morgen! Sinds Brussel wil ook ik Vlaming worden, tell me how!
Even geduld…
Wat een prachtige blog is dit, een voorbeeld voor de blogger!
serious delay klinkt heel ernstig, is het zo ernstig?
groeten,
Sem
Tjessis.
@ Emma,
nou,nou,nou…
@ iedereen,
Ik beloof u dat het wachten zal worden beloond.
Voila!
Ik vraag me af wie de aftelling hier heeft gezien, maar moet zeggen dat ik dat wel geweldig vond..spannend!
David, dit is werkelijk een mooi deel 2, ik verheug me erg op deel 3.
Ben je zeker dat deel 3 het slot deel gaat worden?
@ Manon: Ik heb het gezien, en het was inderdaad erg goed en spannend, jammer dat het niet vaker kan.
David, erg goed stuk, en ik verheug me net als Manon op deel 3.
Leuk voor Fodor dat dit zijn lievelings-lettertype is!
Groet,
Erol
Wat is het toch tegenwoordig dat iedereen maar zijn of haar mening geeft over de geschreven stukken op een blog?
Ik lees op de vele blogs overal ter wereld: ‘Mooi geschreven’ of: ‘Ik herken mij hier in!’ als commentaar.
Weten we dat nu niet allemaal al?
Ik hoef niet te vertellen dat ik dit een mooi verhaal vind toch, tot het moment dat ik het een lelijk geschreven verhaal vind is er niets aan de hand lijkt het wel.
Is het niet veel interessanter om een discussie te doen opwaaien?
Mijn advies: Schrijf eens lelijke verhalen en krijg veel mensen over je heen die beweren dat je niet kunt schrijven terwijl je het wel kunt.
Ik ben normaal een ’stille-lezer’ en ik wil iedereen eens aangeven wat dat is:
Ik lees voor mijn plezier, ik vorm een mening in mijn hoofd en hou die mening dan lekker voor mij en mijzelf alleen.
Mooiste zin: Ik knikte en glimlachte en achter mij hoorde ik Mario kauwen op wat graatjes.
Prachtig, suggestief beeld.
Va’ fa’ un culo, dit is mijn lievelings lettertype inderdaad.
Prachtig vervolg, en inderdaad, die zin over de graatjes..:)Ik zou als de dood zijn geweest voor Mario, al is hij zo klein.
Meneer van der Hoogh, u zwetst maar wat.
Ik heb het vermoeden dat u zelf juist heel veel reacties post op allerlei website ‘overal ter wereld’
Bent u een wereldburger?
Beste Bambis,
Kennen wij elkaar?
Manon
Beste Manon,
Waarom zouden wij elkaar moeten kennen?
Ik heb geen idee of ik u ken, ik ken zoveel mensen.
Hint?
Erg mooi geschreven, ik vind het knap hoe stijlvast u blijft.
@ Manon,
Ja deel 3 is het laatste deel.
@ Erol,
Dank!
@ van der Hoogh,
Ik ga erg mijn best doen om voor u een paar zeer lelijke verhalen te schrijven. Heeft u ook weer wat rust.
@ Emma,
Dank!
@ Bambis & Manon,
Ik overweeg hier een online dating site van te maken, hebben jullie belangstelling?
@ Premsela,
Dank!
Dat zou ik een heel goed idee vinden, alleen denk ik dat Manon mijn type niet helemaal is.
Hoe zou je het noemen? Zou er een afdeling kunnen komen met louter one night stands? Anders kirjg ik problemen met mijn vrouw.
Een prachtig stuk dit, het voorgaande net zo mooi.
Een dating site zou je hier absoluut niet van moeten maken
@ Bambis,
Ik ga mijn best voor je doen. In de tussentijd zul je je moeten behelpen met het gebruikelijke.
@ Vivanco,
Dank, en welkom hier.
Geweldig vervolgverhaal waarvan ik het sterke vermoeden heb dat het allemaal niet zo vrolijk zal aflopen.
@ Zeb,
Waarom denk je dat?
@ David,
Fodor FFP schreef het al; ik zou ook als de dood zijn voor Mario, ondanks zijn lengte.
Ik heb het gevoel dat je op een haar na Vlaming bent geworden, maar wel op die haar na
@ Bambis,
Hoe weet je of ik je typ niet ben? Je zegt me niet te kennen?
groet,
Manon
One Trackback/Pingback
[...] deel 1 klik hier., voor deel 2, hier « [...]