Skip navigation

picture-0631

Braziliaans Haar

 

Ik fietste door de stad die ik twee jaar daarvoor verlaten had en deed mijn best dingen niet te herkennen, maar al snel maakte ik slingers waar alleen ik slingers wist te maken, nam binnenweggetjes die niemand anders gebruikte en staarde soms naar een huis waarvan ik precies wist hoe het er vanbinnen uitzag.

  In mijn zak zat een brief aan iemand die ik uit het oog was verloren, die brief zou ik posten, de laatste lichting zou over een uur plaatsvinden, er was nog tijd genoeg.

  Mijn vermommingen waren met de jaren steeds geraffineerder geworden, eerst was een zonnebril voldoende, maar al vrij snel voldeed die zonnebril niet en werden mijn vermommingen steeds vreemder en daardoor juist opvallender. Zo heb ik een keer de deur van een pruike en haarstukjeswinkel geopend, serieus overwogen een blonde pruik aan te schaffen, ik heb zelfs een heel gesprek gevoerd over geblondeerd Braziliaans haar, hetgeen het beste zou zijn op dat moment.

  Ik heb het niet gedaan.

  Hoe opvallender je bent, hoe minder je opgemerkt wordt, in het verkeer althans. Nu fietste ik naakt, in ieder geval, zo voelde het.

  Ik fietste door de buurt waar ik jaren had gewoond, ik stond een tijdje stil bij een stoplicht en hoopte vurig dat het nooit groen zou worden. Ik trok een sprintje langs de plekken waar ik vroeger dagelijks boodschappen deed, het waren plekken die ik zelfs met gesloten ogen kon waarnemen, van die plekken die je nooit meer vergeet.

  Er trok regen over de stad die ik maar nauwelijks voelde, ik vocht tegen herinneringen die opgesteld stonden als een lange rij bij de kassa van de supermarkt.

  Toen ik een kruispunt overstak zag ik aan de overzijde de eerste brievenbus, en reed hem snel voorbij. Ik keek angstig om me heen.

  Ik reed met grote vaart over de trambaan, een taxichauffeur riep iets maar ik kon hem niet verstaan, toch balde ik mijn vuist, een gebaar dat ik altijd vreselijk dom vind en nog nooit had gemaakt; dat was de eerste keer.

  Ik stond aan de overzijde van mijn laatste woonhuis in deze stad, een statig pand met mooie versiersels die ik ooit een keer schoongemaakt had met een mengsel van bleek en waterstofperoxide; een slechte combinatie bleek achteraf, want ze waren nu opvallend wit.

  Ik mompelde iets naar het licht wat binnen scheen, ik vroeg me opeens af of deze nieuwe bewoners van mij op de hoogte waren en wat ze dan precies wisten, en of dat invloed had op hun wooncomfort. Ik wilde aanbellen en ze vragen wat ze van de boekenwand vonden die ik had laten maken en of ze de badkamertegels net zo lelijk vonden als ik. Of het nog steeds zo stonk op de gang, of ze last hadden van mij als vorige bewoner.

  Toen ik beweging bij de voordeur zag snelde ik weg, aan mijn rechterhand rees de tweede rode vlek op, ik liet de vlek voor wat hij was en stuurde mijn fiets door de negen straatjes, daar werden de herinneringen samen met de regenbui al maar heviger.

  Ik dacht een vriendin van een vriendin te herkennen, ik dacht een vriend van een andere vriendin uit een auto te zien stappen, ik stond met mijn hoofd naar de grond gericht achter een rug die ik dacht te kennen, opeens wist ik zeker dat er iemand moest zijn die het licht op groen kon zetten en iemand die het op rood kon houden.

  Het was kwart voor zes, de mogelijkheden werden met de minuut minder, en ik wist opeens zeker dat het zonder vermomming door de stad fietsen een van de grootste fouten van mijn leven zou zijn, dat de bewijzen daarvoor ergens in steegjes of straten lagen, dat die bewijzen niet te omzeilen waren.

  ‘Zie je dan niet dat ze je hier haten? Voel je het dan niet?’ zei ik in mezelf en fietste door.

  Ik dacht aan het meisje zonder naam dat een keer zei dat ze werkelijkheid en fictie vaak door elkaar haalde, dat ze er weinig aan kon doen en dat het haar speet tot in het absurde. Zij was ook het meisje dat op een middag in de zomer verklaarde panoramisch veel van mij te houden.

  Ik dacht erover dat ik bij dat meisje had moeten blijven, dat ik haar had moeten beschermen voor de werkelijkheid, voor de wereld om ons heen, maar hoe bescherm je iemand voor de wereld?

  Op een brede straat die ik vroeger dagelijks aandeed zag ik een man lopen die nog geld van me kreeg, verderop zag ik een brievenbus die nu een wazige rode vlek was geworden.

  Op straat vertoon ik paranoïde gedrag, en daar ben ik me van bewust. Als mensen naar me glimlachen denk ik meteen dat er iets niet in de haak is, als ik een vluchtige blik werp op iemand en diegene besluit een vluchtige blik op mij te werpen weet ik dat ik me uit de voeten moet maken.

  Het was een paar minuten voor zes. Ik reed de stoep op en stapte van mijn fiets. Ik voelde in al mijn zakken en de spanning steeg, ik voelde de brief maar wist niet waar hij zat, ik voelde hoe de man achter mij stond en zag hoe hij een stapel enveloppen door de gleuf duwde. Ik rook een angstaanjagend parfum.

  Toen ik per ongeluk keek was het een ander en was ik zo opgelucht dat ik ‘goedenavond meneer,’ zei.

  ‘We zijn net op tijd voor de lichting,’ zei de man.

  Toen vond ik hem tussen de voering van mijn jas en postte hem.

  Ik stond nog een tijdje met mijn fiets tussen mijn benen, over het stuur gebogen naar de zonsondergang te kijken, onder die zonsondergang ontstond een lange, rokende rij auto’s op weg naar huis.

  Ik voelde de angst wegzakken, ik voelde de avond komen en wist dat ik dan veilig zou zijn voor de buitenwereld.

 Als ik zou kunnen dansen zou ik gedanst hebben met de lantarenpaal en de vuilcontainer, maar ik kan nu eenmaal niet dansen.

Advertenties

4 Comments

  1. Denkt u dat u het recht heeft om zomaar een foto van mijn etalage op uw website te zetten?

  2. Bent u eigenaar van de winkel op de foto?

    Mocht u eigenaar zijn, en bezwaar hebben, mail me dan, dan kijk ik wat ik kan doen voor u.

  3. Ik ben geen eigenaar maar die winkel is wel van een vriendin van mij. Ik vind het onbehorlijk.

  4. Ik heb met uw ‘vriendin’ gesproken (ze leek u ergens vaag te kennen, al wist ze het niet helemaal zeker) en ik heb de toestemming de foto te gebruiken.

    Mits ik een haarstukje koop.

    Over enkele jaren zal ik sowieso een haarstukje nodig hebben, dus die deal is er, en blijft er.

    Dank voor je bemiddeling Shacq!


Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: