Skip navigation

Monthly Archives: februari 2011


In het Griekse restaurant werkte een ober die weinig plezier in zijn leven leek te hebben. Steeds zuchtte hij diep en aanstellerig en na het opnemen van onze bestelling probeerde hij grapjes te maken, maar kon zich er niet toe zetten er op de juiste manier bij te kijken, dus kregen we het idee dat hij ons aan het beledigen was.
Toen ik voorzichtig om mayonaise vroeg, stond hij een tijdje stil, schudde zijn hoofd en vroeg toen: ‘Mayonaise, meent u dat nou?’
We knikten beiden en ik vroeg wat er zo raar aan was.
‘Bij een Griekse maaltijd mayonaise, dat hoort niet, dat is niet Grieks!’ zei hij en bleef maar zijn hoofd schudden.
Totale onzin, want in de tijd dat ik in Athene woonde had ik al gezien dat mayonaise daar vrijwel net zo populair was als hier. Ik dacht nog: arme man, zolang van huis, straks kom je terug en zie je overal mayonaise, maar ik zei natuurlijk geen woord. Mijn vriendin wel, die mompelde: ‘De Clercqstraat is ook niet Grieks.’
We kregen mayonaise.
Bij het afruimen van de borden stond de ober weer een moment stil en schudde zijn hoofd. ‘Alles is op,’ zei hij en wees verbaasd naar onze lege borden.
‘Ja,’ zeiden wij, ‘het was heel lekker.’
‘Hebben jullie de hele dag niet gegeten ofzo?’ vroeg hij en liep meteen weg.
Mijn vriendin geeft graag exorbitante fooien. Alleen al als ze ergens een koffie drinkt geeft ze een fooi die ongeveer gelijk staat aan de helft van de kop koffie. Ik zie dat als schuldgevoel, en toen ik voorstelde de ober helemaal geen fooi te geven (‘Geen cent krijgt die man,’ fluisterde ik), zei ze dat hij dan zou denken dat we gierig zijn.
‘Juist niet, dan weet hij dat hij iets niet goed doet,’ fluisterde ik. Mijn schaamte is de laatste jaren steeds minder geworden, en hoewel ik nog steeds niemand iets recht in zijn of haar gezicht durf te zeggen, en op de fiets nog altijd als eerste pardon zeg als iemand mij bijna dood rijdt, voel ik me in de horeca steeds sterker.


Vandaag werd bekend dat Levi Andreas op de shortlist van de Academica debutantenprijs 2011 staat. De andere vier titels zijn Gerrie Hondius met Ik ontmoette een man, Menno Lievers met De val van Hippocrates, Peter Buwalda’s Bonita Avenue en Bart Vercauteren met Het graf van de voddenraper