Skip navigation

Monthly Archives: december 2010


Een dag voor het nieuwe jaar wil ik u graag nog berichten over mijn verjaardag die op eerste kerstdag valt en waarover ik elk jaar heel stellig zeg dat het absoluut niet gevierd mag worden, maar altijd en eeuwig toch gevierd wordt omdat het kerst is.
Het is niet dat ik het erg vind om ouder te worden, want zoals mijn vriendin laatst opmerkte vind ik het leven zelfs vrij lang duren en kan haast niet kan wachten tot ik een oude man ben, terwijl zij denkt dat er geen leven is na de dertig.
Ik zeg altijd: ‘Dat is niet zo, dan begint het pas,’ en weet ook heel zeker dat dat zo is; mijn grootste wens is een oud echtpaar te worden en dan gezellig dood te gaan achter de geraniums. Mijn vriendin wil groots en meeslepend leven en ook groots en meeslepend doodgaan, dus daar liggen onze dromen vrij ver uit elkaar, maar ik denk dat het wel bijtrekt en zo niet zal ik ook groots en meeslepend gaan leven; ik kreeg van haar voor mijn verjaardag een reis naar Parijs, misschien is dat een eerste stap.
Mijn vriendin had voor de gelegenheid een rode trui met twee rendieren op de borst aangetrokken.
‘Sexy,’ zei ik zo zwoel als ik maar kan.
‘Ik ben niet sexy, ik ben een intellectueel.’ zei mijn vriendin.
Eigenlijk vind ik mijn verjaardag vooral vervelend omdat er dan werkelijk iets van me verwacht wordt. Allereerst moet ik opstaan. Dan moet ik vrolijk cadeautjes in ontvangst nemen, later drankjes inschenken en me meestal ontfermen over mijn grootmoeder die de laatste jaren het gevoel heeft dat het leven haar ontglipt en ‘buiten de dingen staat’.
We hadden een kalkoen gekocht en vijf liter olijfolie die bij thuiskomst van een dubieuze samenstelling bleek te zijn: ’51% olijfolie, 49% plantaardige olie’. Plantaardige olie kan in principe wel van alles gemaakt zijn.
‘Goedkoop is duurkoop,’ zou mijn grootmoeder normaal zeggen, maar tijdens mijn verjaardag zat ze met haar jas aan in de hoek bij een schemerlamp en zei geen woord. Ze heeft het altijd en eeuwig koud en vraagt soms hysterisch of er ergens een raam openstaat.
Om haar een beetje op te vrolijken mengde ik wat Gin door haar appelsap en hield vervolgens de hele avond dat glas in de gaten. Drinken doet ze ook steeds minder, dus zei ik steeds: ‘Smaakt de appelsap grootmoeder?’ en dan dronk ze snel weer een beetje en knikte gaandeweg de avond steeds iets vrolijker.
Mijn vriendin raakte in een verhitte discussie met mijn broertje die altijd advocaat wilde worden en nu opeens officier van justitie interessanter en imponerende vond. Hij zei dat hij iedereen in de cel wilde krijgen en mijn vriendin sprak over bewijslasten en schuld. Ik deed natuurlijk niet mee, want ik moest mijn grootmoeder strak in de gaten houden en laatst zei ik nog dat de twee piloten die in de twin-towers verdwenen waarschijnlijk ook in Guantanamo Bay zaten. Als je zulke dingen gaat zeggen moet je je absoluut niet meer in discussies mengen, zoals een zieke hond stilletjes de roedel verlaat sprak ik mijn grootmoeder zachtjes moed in.
Mijn moeder klaagt vaak dat ze zelden voorkomt in mijn blogs en daarom hierbij een stukje speciaal voor mijn moeder:
Ik liet mijn moeder mijn gereedschapskist zien, want net als zij hou ik van het veranderen van meubels en het verfraaien van huizen. Samen zaten we over tangen en beitels gebogen en ik liet zelfs even het bijzondere geluid van een Duitse Fein boormachine horen die ik samen met mijn vriendin een paar dagen daarvoor uit een volkstuinen-complex had gestolen.
‘Jullie zijn precies hetzelfde,’ mompelde mijn vriendin die in de deuropening naar ons zat te kijken.
Mijn moeder lachte en terwijl ze aan het wieltje van een mooie waterpomptang draaide begon ze over het bouwvakkers-decolleté van mijn vriendin dat ze een jaar geleden per ongeluk had gezien en zo mooi en ontroerend vond.
‘Jullie lijken écht op elkaar,’ zei mijn vriendin.
Aan het einde van de avond, toen er een servettenpropjes gevecht had plaatsgevonden en mijn grootmoeder onverwachts een rapper had nagedaan door galmend in haar mobiele telefoon steeds een woord te herhalen en daarbij – zij het gedwongen – een handgebaar te maken, dacht ik opeens aan mijn zevenentwintig jaar en dat ik een grote kans had om bijvoorbeeld al op mijn vijftigste te sterven aan een hartinfarct door het roken. Het was gelukkig maar een kort moment – tussen de steeds terugkerende vraag van mijn grootmoeder of ik een televisie wilde ophangen bij haar thuis en het papegaaien geluid dat mijn broertje vanaf de wc maakte – want al vrij snel droomde ik weer over dat oude echtpaar dat ongeveer in 2015 naar Griekenland emigreerden en daar samen midden in de bergen gingen schrijven en in leven bleven door het handelen in vodden en lappen en het drinken van gebotteld water. Echt, iets mooiers zou je mij niet aan kunnen doen.

Advertenties


Hier om de hoek zit een videotheek waar ze blauwe neon verlichting in het raam hebben en waar elke week een handgeschreven aanbieding porno dvd’s op de ramen prijkt.
Het tapijt is vies, het plafond vol kringen van oude en nieuwe lekkages, en op regenachtige dagen ligt de halve zaak vol stukken karton om het water op te vangen.
De medewerkers stinken een beetje naar zweet en tabak, en soms rookt er een een joint achter de balie die, als er klanten de zaak binnen komen, snel in een laatje word verstopt.
Een van de medewerkers was mijn absolute favoriet geworden: een man van in de dertig met een paardenstaart die zijn werktijd verveeld op een laag krukje uitzit, soms een banaan op de toonbank heeft liggen en meestal naar oude films kijkt op een ouderwets televisietoestel in de lucht. Hij draagt altijd vreemde truien en shirtjes met opdrukken van sportmerken. Tot op de draad versleten zijn ze, maar tegenwoordig is dat zo hip als het maar kan.
De laatste keer dat ik er was droeg hij een wit sportjasje met als opdruk: ‘Sharp Electronics, Pure dolby surround’
Het leuke aan deze verkoper was dat ik het idee had dat hij het zelf niet doorhad, dat hij ergens eind jaren negentig gewoon zulke shirts en truien kocht en nog altijd, na driehonderd wasbeurten, draagt. Ik was er zelfs een tijd zeker van, dat dit een echt mens was, dus luisterde ik goed naar zijn mening over films en hield vaak even stil als hij aan de telefoon was; ik had hier te maken met iemand aan wie alles voorbij was gegaan, een misschien wel wereldvreemde film-fanaat die op een dag een bordje met ‘medewerker gezocht’ op de deur van zijn videotheek zag hangen. Al jaren werkte hij er nu, was zelfs elk jaar dichter bij de videotheek komen wonen en had de dromen die hij ooit had laten varen; het was wel goed zo.
Afgelopen vrijdag kwam daar verandering in toen ik even voor sluitingstijd een paar dvd’s huurde. De man met de paardenstaart was aan het opruimen en midden in de winkel stond een moderne racefiets zonder remmen, met flinterdunne banden en een vintage Lepper zadel met grove stiksels. Toen ik afrekende zag ik ook zijn vintage Adidas sportschoenen met veters in een afwijkende kleur.
Toen hij me naar buiten liet fietste hij snel weg op zijn racefiets. Hij droeg een houtje touwtje jas en een rugzak vol buttons. Zonder remmen, dacht ik nog, dat gaat een keer fout.
Opeens wist ik zeker dat hij zijn shirtjes en truien in een vintage winkel kocht, voor astronomische bedragen zelfs.
Het rest mij nog u te vertellen dat ze bij deze videotheek twee soorten snoepgoed verkopen: Lions en King pepermunt, beiden uitgestald in een verpakking die met bruin plakband eindeloos gerepareerd is.
Uit de vriezer zijn er drie soorten Casa di mamma ovenpizza’s, en uit zeer betrouwbare bron kan ik u vertellen dat de ware filmhebber niets anders eet.